Wie zijn we

Ben je nieuwsgierig naar wie er bij Landerije de Bunte horen?
Hieronder vind je een voorstelrondje.
Uiteraard de boer en boerin (ook al passen we misschien niet zo in het cliché-beeld), maar ook de dieren die voor ons naam en betekenis hebben.
Een boerderij is ten slotte niet alleen een plek waar gewerkt wordt, maar ook en vooral een thuis waar mens en dier samen leven.

Geen boerenzoon, maar zeker boerenbloed!

Als 12-jarige zaterdaghulp begonnen bij de boer, en via MAS en HAS (agrarische bedrijfskunde/marketing&sales) het bedrijfsleven in gerold. Logistiek, automatisering en metaal, passie voor ondernemen, altijd strak in het pak. In al die branches heb ik me altijd willen verdiepen in de inhoud, vooruit willen kijken naar de toekomst, een visie ontwikkelen voor de lange termijn en die vertalen in concrete bedrijfsactiviteiten. Een hoog streefniveau en alles kan altijd beter.En omdat alles beter kan ook de gedachte of het ook voor mijzelf niet beter kon. Was dit de plek waar ik mij wilde ontwikkelen, paste dit bij mij als mens en was ik nu bezig met het doel of mij ook bewust van de weg die ik aan het afleggen was. Want uiteindelijk gaat het om de reis en niet om de bestemming.

Dus heb ik zowel de reis als de bestemming aangepast en sta ik sinds 1999 met de laarzen in mest en zand als fulltime boer. Kringloopboer zelfs.

Landerije de Bunte heb ik vanaf nul opgebouwd. Op inmiddels 42 ha grond op landgoed Twickel staat een gezond natuurinclusief landbouwbedrijf met 180 Noord Hollanders. Als ik even de tijd neem, kan ik daar best trots op zijn.

Op het kruispunt van natuur & landbouw, van fysiek & mentaal, van hands-on & beleidsmatig ontwikkel en gebruik ik mijn opgedane kennis en ervaring voor een brede blik met inhoudelijke kennis van zaken. Zowel voor mijn eigen bedrijf als in opdracht en belang van derden. Ik geniet ervan als ik andere mensen mee kan nemen in het enthousiasme van nieuwe en andere wegen, die bijdragen aan een leefbare en prettige wereld en samenleving voor iedereen. Op onze hooizolder of elders in het land workshops geven en lezingen verzorgen. Bijdragen aan een landbouwsector die weer perspectief heeft, gericht op een hernieuwend evenwicht tussen landbouw, natuur en samenleving.

De externe opdrachten kunnen gaan om het ontwikkelen van bedrijfs- en gebiedsplannen, projectmanagement, bedrijfsadvies, sparringpartner zijn en het verkennen van nieuwe kansen. En dat hoeft echt niet alleen binnen de landbouw. Belangrijk is wel: de opdracht moet binnen mijn expertise en competentie passen, ik moet er tijd voor hebben (dieren en grond gaan voor) en ik wil er energie van krijgen.

Lange tijd ben ik actief geweest als voorzitter van het Stamboek Noord Hollanders, actief geweest, waar ik nu nog in de foktechnische commissie zit. En met de start in 2022 van ons Demonstratiebedrijf Natuurinclusieve Landbouw maak ik daar ook een stap in. Daarbij maak ik als voorzitter van het Collectief Midden Overijssel het gebied waar ik werk nog wat groter en hoop mijn bijdrage daar te kunnen leveren.

Allemaal gericht op een eerlijke balans tussen landbouw en natuur.

Voor het gezonde tegenwicht gaat af en toe even het verstand op nul en de blik op oneindig: hardloopschoenen aan, op de racefiets of wat baantjes trekken in het zwembad. “Een gezonde geest in een gezond lichaam”

COMPETENTIES

  • Verbindend in contact, onafhankelijk in denken
  • Analytisch op problemen, creatief in oplossingen
  • Waardengeoriënteerd in basis, pragmatisch in realisatie
  • Idealistisch in visie, zakelijk in afwegingen

 

Corney Niemeijer

Opgegroeid als dorps blondje in het westen van het land. Met een rubber bootje dobberen in een boerensloot met kikkerdril, ’s winters uren schaatsen op de Leidse Rijn, spelen in de hooiberg bij een schoolvriendinnetje – wat kan het leven eenvoudig zijn, zolang je niet hoeft te bedenken wie je bent en wat je worden wilt….

Met een goed stel hersens ligt de wereld voor je open en zijn de keuzes eindeloos. Toch ging ik aan de universiteit Psychologie studeren ;-)
Kennis vergaren over denken en doen, van mensen in kleine en organisaties in grote context. Over ziekte en verandermogelijkheden.
Tegelijkertijd leerde het leven hoe beperkt bruikbaar kennis is, als je te jong bent om voldoende ervaring mee te brengen. Hoe kon ik psycholoog zijn als ik niet meer dan school- en collegebanken had gezien?

De alledaagse praktijk als psychiatrisch verpleegkundige heeft me in de 30 jaar daarna stevig bijgespijkerd. De zompige demonen van depressies, penetrante paranoia van psychoses, de krijsende kracht van een eetstoornis - de abstractie van wetenschap is nuttig, zinnig, noodzakelijk, maar iemand die er is, als de nacht te donker wordt, minstens evenzeer. Talent als zorgzame zuster heb ik nooit gehad, de rust om niet terug te deinzen voor andermans levensangst wel.

In een week-op-week-af-nachtdienstritme heeft werk door mijn leven heen gekabbeld, zonder ooit mijn rode draad geweest te zijn.
Er waren simpelweg teveel andere interesses, bezigheden, opleidingen (nieuwsgierig?) Van alles wat, dwarrelende losse eindjes, stipjes zonder horizon, gedreven door interesse, niet op een doel gericht.

Tot het allemaal samenkwam in het leven van vandaag.

Van overall tot hardloopkledij, vers lammetje tot bejaarde hond,
van moestuinbak tot kuilvoer, van broodbakken tot fotografie, en zelfs bedrijfsadministratie en bovenfrees, het past allemaal op datzelfde erf.
Geen zorgende Florence Nightingale, niet geboren als boerin, maar als schapendrijvende bordercollie doe ik het nog helemaal niet zo slecht.

(IN-)COMPETENTIES

  • Kennisabsorberende generalist, met pragmatische inslag
  • Kritisch klankbord, zowel bot als scherp, maar ook beargumenteerd
  • Ik ben de spiegel die niet flatteert, en een probleem heet bij mij geen ‘uitdaging’
  • Sociale vaardigheden genoeg, niet altijd zin om ze te gebruiken
  • Handig en creatief, maar niet innovatief of kunstzinnig
  • Onafhankelijk, origineel en oprecht
  • Trekkerrijvaardigheid van een 13-jarige
  • Type slim, systematisch, sportief en slappe lach
  • Ook: type Op tijd & Conform afspraak & Nooit sleutels kwijt
  • Mild & geduldig naar leed en onvermogen, maar wars van zieligheidsclaims
  • Loyaal in mijn genegenheden. En aan mijn principes.

 

Gerarda van Merkerk

NoordHollander schapen

Zo’n 180 NoordHollander-ooien, 10 rammen en 1 halve Zwartbles, dat zijn onze schapen. En als de lammertijd ontploft, zijn het er opeens een dikke 400 meer.
Samen houden ze het gras kort, zorgen elk voorjaar voor een mateloos drukke aflamperiode, en testen met regelmaat of het schrikdraadapparaat nog werkt.
Naar verdergelegen weides laten de dames laten zich graag gemotoriseerd vervoeren: met z’n 50-en op een veewagen van een meter of 7, met vrij uitzicht, toeren ze regelmatig door de nabije regio.

Natuurlijk loopt er ook altijd een speciaal fanclubje rond - dieren die om wat voor reden dan ook bijzonder zijn en dat heel hard roepen zodra ze je zien.
Donna omdat ze al zo oud en dochter van een kadogekregen schaap is.
Miepie die als lam vertikte om te drinken – niet bij de moeder, niet uit de fles, gewoon níet – maar waar na een week geforceerde sondevoeding het kwartje viel, en die nu – een jaar later – een perfecte moeder is voor haar eigen lam.
En wat te denken van ram Remy, die - moeder dood, zusjes dood - bij de bevalling als enige overbleef, en zo’n handzaam karakter bleek te hebben, dat we hem hebben laten castreren, zodat hij als gezelschapsheer voor oude of zieke ooien, rammen en lammeren een eerbiedwaardige functie kan vervullen.

Je moet er niet te veel van hebben, van zulke fanclubdieren-met-naam, die niet aan de modale normen voor een onopvallend gezond gewoon schaap hoeven te voldoen. Niet te veel, maar toch altijd wel een paar: ze geven het boerenleven extra kleur en verbondenheid.

Paarden

Hier geen mensen die hun hele leven al ‘in de paarden’ zaten.
Al middenveertig reisden we voor een paar weken af naar de Ardennen.
Meedraaien op een plek waar beschadigde paarden werden opgevangen, op een paard gaan zitten en met nul ervaring, maar argeloos veel vertrouwen, door de bossen rondhobbelen. En de dag erna draven, en daarna galopperen.
Het was duidelijk: er zouden thuis paarden komen. Ooit.

Dat ‘ooit’ kwam sneller dan gedacht: anderhalve maand later stonden 3 jonge merries die op stel en sprong weg moesten, hier in de wei. Instant-afrastering van plastic asbestsaneringslint, onopgevoede puberpaarden, een baal voer in een oud aanhangwagentje – een heel spetterend begin was het niet.
Maar met wat goede wil, boerenverstand en een open blik (vooral naar eigen onkunde), èn de nodige rijlessen door Achterhoeks buitengebied , kwam het toch nog goed. Een vriendelijke ruin maakte het kwartet compleet en in evenwicht.

Met hun andere graasgedrag, voerbehoefte en mest voegen ze toe aan het beheer van onze gronden. Maar vooral voegen ze toe aan ons eigen welbevinden.
Het is mooi en rustgevend om te zien hoe ze in het laatste zonnetje zij aan zij, stap voor stap, hap voor hap het lekkerste gras opzoeken. Indrukwekkend, hoe je met slechts een wijzende vinger 600kg paard kunt vragen een stapje achteruit te gaan. En van imponerende schoonheid hoe ze in volle vaart galopperend met z’n vieren een nieuwe wei verkennen.

Honden

Hij had er twee, zij drie, ga je samenwonen, dan zijn het er vijf, tot een opvanger niet meer vertrekt, en opeens heb je 6 honden… zo ging het.
Die roedel van toen is er allang niet meer, maar honden zijn er altijd gebleven.
Tweedehands, opvang, herplaatser, asiel, buitenland.
Van stamboom tot vuilnisbak, reu of teef, oud en jong.
Gezocht of op ons pad gekomen. Meestal met krasjes, soms een flinke deuk.
De belangrijkste voorwaarde om hier een thuis te vinden, is basaal respect: dat er geen mensen opgegeten worden, ruzies met roedelgenoten oplosbaar zijn en dat poezen, schapen en paarden niet als speelgoed gezien worden.
Simpele regels, voorspelbare patronen, hondentaal die begrepen wordt, een erf en wei om energie te laten spetteren, en roedelgenoten om niet alleen te zijn – voor de meeste honden blijkt dat genoeg.

Zo ook voor onze Brass, die letterlijk Spaans benauwd was voor àlles, en nauwelijks méér durfde dan in elkaar gekropen ’s nachts de keuken onderpoepen.
Maar soms, als hij in de omheinde wei was met de andere honden, dan zag je even de schaduw van de dartele jonge hond die hij had moeten zijn. En die hij ook langzaamaan werd – zelfs als 14-jarige gooit ie er af en toe nog een huppeltje uit.
Finn, een vrolijke Spaanse scharrelaar, werd zijn ‘mattie’. Samen slapen, samen rennen, samen snuffelen en ook: samen niet bang zijn. Gewoon “er zijn”, zonder eisen.
Als een ongeleid projectiel kwam FaeLynn vervolgens binnen stuiteren. Zoveel richtingloze energie in een onvolgroeid lijf. Ruimte, roedel en regels zijn de basis geweest waarop ze kon landen. Energiek blijft ze, maar nu ook baasgericht. En zodra ze hardloopschoenen ziet, gaat ze er pontificaal bovenop zitten: ze wil mee – samen rennen, de wijde wereld in.
Yuki, die andere honden zo spannend vond, werd haar dikke vriendin. Witte labrador-in-herderverpakking, ons altijd blije ei die iedereen lief, leuk en aardig vindt. En achter je rug komt schuilen als de volle maan achter de wolken vandaan komt. Of terug gaat kletsen als je tegen haar praat.
De jongste bediende is Imme. De goochelaar die altijd probeert zoveel mogelijk stokken in zijn bek te nemen. Of kunstjes van de puppyles blijft herhalen. En die best had willen schapendrijven, maar al jong zijn knie vernielde.

De honden zijn, naast erfbewakers, voor ons vooral huisdier.
Daarnaast helpen ze in de preventie van maaischade. Door de avonden voor het maaien met ze door de wei te wandelen, laten ze een alarmerend geurspoor achter, dat voor moederdieren reden is om hun reekalveren en konijnen-, hazen- of fazantenjongen naar een veiliger plek te brengen.
Dat maait wel zo prettig de volgende dag.

Poezen

10 jaar geleden kwamen ze aanwandelen vanuit het bos hierachter, op een bloedhete augustusdag. Iele, wormbuikige kittens van een week of 5 oud.
Hoeveel kans zouden ze hebben in de overvolle asiels....

Ze bleven.

Noes is geworden wat ze ook toen al was: zelfzeker, onafhankelijk, nooit lelijk doen maar o zo overtuigend in haar zwijgend gezag. Geen van de honden gaat aan haar voorbij als ze over het pad loopt - staart fier omhoog, de punt in een lichte knik. Ze is 'one of the guys' als er gewandeld wordt. En als je 'zit' zegt, gaan er 5 honden zitten. En een poes.

Nikki is meer van het gezellige zwabberbuiktype, die de zonnige tuintafel beschouwt als strandstoel en graag een voorspelbare wereld om zich heen heeft. Miauwen heeft ze jaren niet gekund, dat hebben we haar moeten voordoen. Dus echt heel slim is ze niet.
Maar als ze naar binnen wil, staat ze languit op haar achterpoten in de vensterbank en tikt ze met haar voorpoot op het bovenste raampje – dat dan weer wel.

Met torenvalken, buizerds en uilen rond ons erf is gif geen oplossing tegen muizig ongedierte. Gelukkig nemen de gezusters hun taak als bedrijfspoes serieus: een boerenbedrijf, maar nauwelijks muizen. Wel talloze vogels.
Met een gevulde maag gaan ze 's morgens naar buiten, en als je roept, zijn ze voor donker weer binnen. Op schoot. Ronkend. Als een echte huispoes.

Geen boerenzoon, maar zeker boerenbloed!

Als 12-jarige zaterdaghulp begonnen bij de boer, en via MAS en HAS (agrarische bedrijfskunde/marketing & sales) het bedrijfsleven in gerold. Logistiek, automatisering en metaal, passie voor ondernemen, altijd strak in het pak. In al die branches heb ik me altijd willen verdiepen in de inhoud, vooruit willen kijken naar de toekomst, een visie ontwikkelen voor de lange termijn en die vertalen in concrete bedrijfsactiviteiten.

Een hoog streefniveau en alles kan altijd beter. En omdat alles beter kan ook de gedachte of het ook voor mijzelf niet beter kon. Was dit de plek waar ik mij wilde ontwikkelen, paste dit bij mij als mens en was ik nu bezig met het doel of mij ook bewust van de weg die ik aan het afleggen was. Want uiteindelijk gaat het om de reis en niet om de bestemming.

Dus heb ik zowel de reis als de bestemming aangepast en sta ik sinds 1999 met de laarzen in mest en zand als fulltime boer. Kringloopboer zelfs.

Landerije de Bunte heb ik vanaf nul opgebouwd. Op inmiddels 42 ha grond op landgoed Twickel staat een gezond natuurinclusief landbouwbedrijf met 180 Noord Hollanders. Als ik even de tijd neem, kan ik daar best trots op zijn.

Op het kruispunt van natuur & landbouw, van fysiek & mentaal, van hands-on & beleidsmatig ontwikkel en gebruik ik mijn opgedane kennis en ervaring voor een brede blik met inhoudelijke kennis van zaken. Zowel voor mijn eigen bedrijf als in opdracht en belang van derden. Ik geniet ervan als ik andere mensen mee kan nemen in het enthousiasme van nieuwe en andere wegen, die bijdragen aan een leefbare en prettige wereld en samenleving voor iedereen. Op onze hooizolder of elders in het land workshops geven en lezingen verzorgen. Bijdragen aan een landbouwsector die weer perspectief heeft, gericht op een hernieuwend evenwicht tussen landbouw, natuur en samenleving.

De externe opdrachten kunnen gaan om het ontwikkelen van bedrijfs- en gebiedsplannen, projectmanagement, bedrijfsadvies, sparringpartner zijn en het verkennen van nieuwe kansen. En dat hoeft echt niet alleen binnen de landbouw. Belangrijk is wel: de opdracht moet binnen mijn expertise en competentie passen, ik moet er tijd voor hebben (dieren en grond gaan voor) en ik wil er energie van krijgen.

Lange tijd ben ik actief geweest als voorzitter van het Stamboek Noord Hollanders, actief geweest, waar ik nu nog in de foktechnische commissie zit. En met de start in 2022 van ons Demonstratiebedrijf Natuurinclusieve Landbouw maak ik daar ook een stap in. Daarbij maak ik als voorzitter van het Collectief Midden Overijssel het gebied waar ik werk nog wat groter en hoop mijn bijdrage daar te kunnen leveren.

Allemaal gericht op een eerlijke balans tussen landbouw en natuur.

Voor het gezonde tegenwicht gaat af en toe even het verstand op nul en de blik op oneindig: hardloopschoenen aan, op de racefiets of wat baantjes trekken in het zwembad. “Een gezonde geest in een gezond lichaam”

COMPETENTIES

  • Verbindend in contact, onafhankelijk in denken
  • Analytisch op problemen, creatief in oplossingen
  • Waardengeoriënteerd in basis, pragmatisch in realisatie
  • Idealistisch in visie, zakelijk in afwegingen

Corney Niemeijer

Geen boerenzoon, maar zeker boerenbloed!

Als 12-jarige zaterdaghulp begonnen bij de boer, en via MAS en HAS (agrarische bedrijfskunde/marketing & sales) het bedrijfsleven in gerold. Logistiek, automatisering en metaal, passie voor ondernemen, altijd strak in het pak. In al die branches heb ik me altijd willen verdiepen in de inhoud, vooruit willen kijken naar de toekomst, een visie ontwikkelen voor de lange termijn en die vertalen in concrete bedrijfsactiviteiten.

Een hoog streefniveau en alles kan altijd beter. En omdat alles beter kan ook de gedachte of het ook voor mijzelf niet beter kon. Was dit de plek waar ik mij wilde ontwikkelen, paste dit bij mij als mens en was ik nu bezig met het doel of mij ook bewust van de weg die ik aan het afleggen was. Want uiteindelijk gaat het om de reis en niet om de bestemming.

Dus heb ik zowel de reis als de bestemming aangepast en sta ik sinds 1999 met de laarzen in mest en zand als fulltime boer. Kringloopboer zelfs.

Landerije de Bunte heb ik vanaf nul opgebouwd. Op inmiddels 42 ha grond op landgoed Twickel staat een gezond natuurinclusief landbouwbedrijf met 180 Noord Hollanders. Als ik even de tijd neem, kan ik daar best trots op zijn.

Op het kruispunt van natuur & landbouw, van fysiek & mentaal, van hands-on & beleidsmatig ontwikkel en gebruik ik mijn opgedane kennis en ervaring voor een brede blik met inhoudelijke kennis van zaken. Zowel voor mijn eigen bedrijf als in opdracht en belang van derden. Ik geniet ervan als ik andere mensen mee kan nemen in het enthousiasme van nieuwe en andere wegen, die bijdragen aan een leefbare en prettige wereld en samenleving voor iedereen. Op onze hooizolder of elders in het land workshops geven en lezingen verzorgen. Bijdragen aan een landbouwsector die weer perspectief heeft, gericht op een hernieuwend evenwicht tussen landbouw, natuur en samenleving.

De externe opdrachten kunnen gaan om het ontwikkelen van bedrijfs- en gebiedsplannen, projectmanagement, bedrijfsadvies, sparringpartner zijn en het verkennen van nieuwe kansen. En dat hoeft echt niet alleen binnen de landbouw. Belangrijk is wel: de opdracht moet binnen mijn expertise en competentie passen, ik moet er tijd voor hebben (dieren en grond gaan voor) en ik wil er energie van krijgen.

Lange tijd ben ik actief geweest als voorzitter van het Stamboek Noord Hollanders, actief geweest, waar ik nu nog in de foktechnische commissie zit. En met de start in 2022 van ons Demonstratiebedrijf Natuurinclusieve Landbouw maak ik daar ook een stap in. Daarbij maak ik als voorzitter van het Collectief Midden Overijssel het gebied waar ik werk nog wat groter en hoop mijn bijdrage daar te kunnen leveren.

Allemaal gericht op een eerlijke balans tussen landbouw en natuur.

Voor het gezonde tegenwicht gaat af en toe even het verstand op nul en de blik op oneindig: hardloopschoenen aan, op de racefiets of wat baantjes trekken in het zwembad. “Een gezonde geest in een gezond lichaam”

COMPETENTIES

  • Verbindend in contact, onafhankelijk in denken
  • Analytisch op problemen, creatief in oplossingen
  • Waardengeoriënteerd in basis, pragmatisch in realisatie
  • Idealistisch in visie, zakelijk in afwegingen

Corney Niemeijer

Opgegroeid als dorps blondje in het westen.

Met een rubberbootje dobberen in een boerensloot met kikkerdril, ’s winters uren schaatsen op de Leidse Rijn, spelen in de hooiberg bij een schoolvriendinnetje – wat kan het leven eenvoudig zijn, zolang je niet hoeft te bedenken wie je bent en wat je worden wilt….

Met een goed stel hersens ligt de wereld voor je open en zijn de keuzes eindeloos. Toch ging ik aan de universiteit Psychologie studeren :-) Kennis vergaren over denken en doen, van mensen in kleine en organisaties in grote context. Over ziekte en verandermogelijkheden.

De alledaagse praktijk als psychiatrisch verpleegkundige heeft me in de 30 jaar daarna stevig bijgespijkerd.

De zompige demonen van depressies, penetrante paranoia van psychoses, de krijsende kracht van een eetstoornis – de abstractie van wetenschap is nuttig, zinnig, noodzakelijk, maar iemand die er is, als de nacht te donker wordt, minstens evenzeer. Talent als zorgzame zuster heb ik nooit gehad, de rust om niet terug te deinzen voor andermans levensangst wel.

In een week-op-week-af-nachtdienstritme heeft werk door mijn leven heen gekabbeld, zonder ooit mijn rode draad geweest te zijn.
Er waren simpelweg teveel andere interesses, bezigheden, opleidingen (nieuwsgierig?) Van alles wat, dwarrelende losse eindjes, stipjes zonder horizon, gedreven door interesse, niet op een doel gericht.

Tot het allemaal samenkwam in het leven van vandaag.

Van overall tot hardloopkledij, vers lammetje tot bejaarde hond,
van moestuinbak tot kuilvoer, van broodbakken tot fotografie, en zelfs bedrijfsadministratie en bovenfrees, het past allemaal op datzelfde erf.
Geen zorgende Florence Nightingale, niet geboren als boerin, maar als schapendrijvende bordercollie doe ik het nog helemaal niet zo slecht.

(IN-)COMPETENTIES

  • Kennisabsorberende generalist, met pragmatische inslag
  • Kritisch klankbord, zowel bot als scherp, maar ook beargumenteerd
  • Ik ben de spiegel die niet flatteert, en een probleem heet bij mij geen ‘uitdaging’
  • Sociale vaardigheden genoeg, niet altijd zin om ze te gebruiken
  • Handig en creatief, maar niet innovatief of kunstzinnig
  • Onafhankelijk, origineel en oprecht
  • Trekkerrijvaardigheid van een 13-jarige
  • Type slim, systematisch, sportief en slappe lach
  • Ook: type Op tijd & Conform afspraak & Nooit sleutels kwijt
  • Mild & geduldig naar leed en onvermogen, maar wars van zieligheidsclaims
  • Loyaal in mijn genegenheden. En aan mijn principes.

Gerarda van Merkerk

Opgegroeid als dorps blondje in het westen.

Met een rubber bootje dobberen in een boerensloot met kikkerdril, ’s winters uren schaatsen op de Leidse Rijn, spelen in de hooiberg bij een schoolvriendinnetje – wat kan het leven eenvoudig zijn, zolang je niet hoeft te bedenken wie je bent en wat je worden wilt….

Met een goed stel hersens ligt de wereld voor je open en zijn de keuzes eindeloos. Toch ging ik aan de universiteit Psychologie studeren :) Kennis vergaren over denken en doen, van mensen in kleine en organisaties in grote context. Over ziekte en verandermogelijkheden.

De alledaagse praktijk als psychiatrisch verpleegkundige heeft me in de 30 jaar daarna stevig bijgespijkerd.

De zompige demonen van depressies, penetrante paranoia van psychoses, de krijsende kracht van een eetstoornis – de abstractie van wetenschap is nuttig, zinnig, noodzakelijk, maar iemand die er is, als de nacht te donker wordt, minstens evenzeer. Talent als zorgzame zuster heb ik nooit gehad, de rust om niet terug te deinzen voor andermans levensangst wel.

In een week-op-week-af-nachtdienstritme heeft werk door mijn leven heen gekabbeld, zonder ooit mijn rode draad geweest te zijn.
Er waren simpelweg teveel andere interesses, bezigheden, opleidingen (nieuwsgierig?) Van alles wat, dwarrelende losse eindjes, stipjes zonder horizon, gedreven door interesse, niet op een doel gericht.

Tot het allemaal samenkwam in het leven van vandaag.

Van overall tot hardloopkledij, vers lammetje tot bejaarde hond,
van moestuinbak tot kuilvoer, van broodbakken tot fotografie, en zelfs bedrijfsadministratie en bovenfrees, het past allemaal op datzelfde erf.
Geen zorgende Florence Nightingale, niet geboren als boerin, maar als schapendrijvende bordercollie doe ik het nog helemaal niet zo slecht.

(IN-)COMPETENTIES

  • Kennisabsorberende generalist, met pragmatische inslag
  • Kritisch klankbord, zowel bot als scherp, maar ook beargumenteerd
  • Ik ben de spiegel die niet flatteert, en een probleem heet bij mij geen ‘uitdaging’
  • Sociale vaardigheden genoeg, niet altijd zin om ze te gebruiken
  • Handig en creatief, maar niet innovatief of kunstzinnig
  • Onafhankelijk, origineel en oprecht
  • Trekkerrijvaardigheid van een 13-jarige
  • Type slim, systematisch, sportief en slappe lach
  • Ook: type Op tijd & Conform afspraak & Nooit sleutels kwijt
  • Mild & geduldig naar leed en onvermogen, maar wars van zieligheidsclaims
  • Loyaal in mijn genegenheden. En aan mijn principes.

Gerarda van Merkerk

Noordhollander schapen

Zo’n 180 NoordHollander-ooien, 10 rammen en 1 halve Zwartbles, dat zijn onze schapen. En als de lammertijd ontploft, zijn het er opeens een dikke 400 meer.

Samen houden ze het gras kort, zorgen elk voorjaar voor een mateloos drukke aflamperiode, en testen met regelmaat of het schrikdraadapparaat nog werkt.

Naar verdergelegen weides laten de dames laten zich graag gemotoriseerd vervoeren: met z’n 50-en op een veewagen van een meter of 7, met vrij uitzicht, toeren ze regelmatig door de nabije regio.

Natuurlijk loopt er ook altijd een speciaal fanclubje rond – dieren die om wat voor reden dan ook bijzonder zijn en dat heel hard roepen zodra ze je zien. Donna omdat ze al zo oud en dochter van een kadogekregen schaap is.

Miepie die als lam vertikte om te drinken – niet bij de moeder, niet uit de fles, gewoon níet – maar waar na een week geforceerde sondevoeding het kwartje viel, en die nu – een jaar later – een perfecte moeder is voor haar eigen lam.

En wat te denken van ram Remy, die – moeder dood, zusjes dood – bij de bevalling als enige overbleef, en zo’n handzaam karakter bleek te hebben, dat we hem hebben laten castreren, zodat hij als gezelschapsheer voor oude of zieke ooien, rammen en lammeren een eerbiedwaardige functie kan vervullen.

Je moet er niet te veel van hebben, van zulke fanclubdieren-met-naam, die niet aan de modale normen voor een onopvallend gezond gewoon schaap hoeven te voldoen. Niet te veel, maar toch altijd wel een paar: ze geven het boerenleven extra kleur en verbondenheid.

Noordhollander schapen

Zo’n 180 NoordHollander-ooien, 10 rammen en 1 halve Zwartbles, dat zijn onze schapen. En als de lammertijd ontploft, zijn het er opeens een dikke 400 meer.

Samen houden ze het gras kort, zorgen elk voorjaar voor een mateloos drukke aflamperiode, en testen met regelmaat of het schrikdraadapparaat nog werkt.

Naar verdergelegen weides laten de dames laten zich graag gemotoriseerd vervoeren: met z’n 50-en op een veewagen van een meter of 7, met vrij uitzicht, toeren ze regelmatig door de nabije regio.

Natuurlijk loopt er ook altijd een speciaal fanclubje rond – dieren die om wat voor reden dan ook bijzonder zijn en dat heel hard roepen zodra ze je zien.

Donna omdat ze al zo oud en dochter van een kadogekregen schaap is.

Miepie die als lam vertikte om te drinken – niet bij de moeder, niet uit de fles, gewoon níet – maar waar na een week geforceerde sondevoeding het kwartje viel, en die nu – een jaar later – een perfecte moeder is voor haar eigen lam.

En wat te denken van ram Remy, die – moeder dood, zusjes dood – bij de bevalling als enige overbleef, en zo’n handzaam karakter bleek te hebben, dat we hem hebben laten castreren, zodat hij als gezelschapsheer voor oude of zieke ooien, rammen en lammeren een eerbiedwaardige functie kan vervullen.

Je moet er niet te veel van hebben, van zulke fanclubdieren-met-naam, die niet aan de modale normen voor een onopvallend gezond gewoon schaap hoeven te voldoen. Niet te veel, maar toch altijd wel een paar: ze geven het boerenleven extra kleur en verbondenheid.

Onze Paarden

Hier geen mensen die hun hele leven al ‘in de paarden’ zaten. Al middenveertig reisden we voor een paar weken af naar de Ardennen. Meedraaien op een plek waar beschadigde paarden werden opgevangen, op een paard gaan zitten en met nul ervaring, maar argeloos veel vertrouwen, door de bossen rond hobbelen. En de dag erna draven, en daarna galopperen.

Het was duidelijk: er zouden thuis paarden komen. Ooit.

Dat ‘ooit’ kwam sneller dan gedacht: anderhalve maand later stonden 3 jonge merries die op stel en sprong weg moesten, hier in de wei. Instant-afrastering van plastic asbestsaneringslint, onopgevoede puberpaarden, een baal voer in een oud aanhangwagentje – een heel spetterend begin was het niet.

Maar met wat goede wil, boerenverstand en een open blik (vooral naar eigen onkunde), èn de nodige rijlessen door Achterhoeks buitengebied , kwam het toch nog goed. Een vriendelijke ruin maakte het kwartet compleet en in evenwicht.

Met hun andere graasgedrag, voerbehoefte en mest voegen ze toe aan het beheer van onze gronden. Maar vooral voegen ze toe aan ons eigen welbevinden.

Het is mooi en rustgevend om te zien hoe ze in het laatste zonnetje zij aan zij, stap voor stap, hap voor hap het lekkerste gras opzoeken. Indrukwekkend, hoe je met slechts een wijzende vinger 600kg paard kunt vragen een stapje achteruit te gaan. En van imponerende schoonheid hoe ze in volle vaart galopperend met z’n vieren een nieuwe wei verkennen.

Onze Paarden

Hier geen mensen die hun hele leven al ‘in de paarden’ zaten. Al middenveertig reisden we voor een paar weken af naar de Ardennen. Meedraaien op een plek waar beschadigde paarden werden opgevangen, op een paard gaan zitten en met nul ervaring, maar argeloos veel vertrouwen, door de bossen rond hobbelen. En de dag erna draven, en daarna galopperen.

Het was duidelijk: er zouden thuis paarden komen. Ooit.

Dat ‘ooit’ kwam sneller dan gedacht: anderhalve maand later stonden 3 jonge merries die op stel en sprong weg moesten, hier in de wei. Instant-afrastering van plastic asbestsaneringslint, onopgevoede puberpaarden, een baal voer in een oud aanhangwagentje – een heel spetterend begin was het niet.

Maar met wat goede wil, boerenverstand en een open blik (vooral naar eigen onkunde), èn de nodige rijlessen door Achterhoeks buitengebied , kwam het toch nog goed. Een vriendelijke ruin maakte het kwartet compleet en in evenwicht.

Met hun andere graasgedrag, voerbehoefte en mest voegen ze toe aan het beheer van onze gronden. Maar vooral voegen ze toe aan ons eigen welbevinden.

Het is mooi en rustgevend om te zien hoe ze in het laatste zonnetje zij aan zij, stap voor stap, hap voor hap het lekkerste gras opzoeken. Indrukwekkend, hoe je met slechts een wijzende vinger 600kg paard kunt vragen een stapje achteruit te gaan. En van imponerende schoonheid hoe ze in volle vaart galopperend met z’n vieren een nieuwe wei verkennen.

Honden

Hij had er twee, zij drie, ga je samenwonen, dan zijn het er vijf, tot een opvanger niet meer vertrekt, en opeens heb je 6 honden… zo ging het.
Die roedel van toen is er allang niet meer, maar honden zijn er altijd gebleven.

Tweedehands, opvang, herplaatser, asiel, buitenland. Van stamboom tot vuilnisbak, reu of teef, oud en jong. Gezocht of op ons pad gekomen. Meestal met krasjes, soms een flinke deuk.

De belangrijkste voorwaarde om hier een thuis te vinden, is basaal respect: dat er geen mensen opgegeten worden, ruzies met roedelgenoten oplosbaar zijn en dat poezen, schapen en paarden niet als speelgoed gezien worden.

Simpele regels, voorspelbare patronen, hondentaal die begrepen wordt, een erf en wei om energie te laten spetteren, en roedelgenoten om niet alleen te zijn – voor de meeste honden blijkt dat genoeg.

Zo ook voor onze Brass, die letterlijk Spaans benauwd was voor àlles, en nauwelijks méér durfde dan in elkaar gekropen ’s nachts de keuken onderpoepen.

Maar soms, als hij in de omheinde wei was met de andere honden, dan zag je even de schaduw van de dartele jonge hond die hij had moeten zijn. En die hij ook langzaamaan werd – zelfs als 14-jarige gooit ie er af en toe nog een huppeltje uit.

Finn, een vrolijke Spaanse scharrelaar, werd zijn ‘mattie’. Samen slapen, samen rennen, samen snuffelen en ook: samen niet bang zijn. Gewoon “er zijn”, zonder eisen.

Als een ongeleid projectiel kwam FaeLynn vervolgens binnen stuiteren. Zoveel richtingloze energie in een onvolgroeid lijf. Ruimte, roedel en regels zijn de basis geweest waarop ze kon landen. Energiek blijft ze, maar nu ook baasgericht. En zodra ze hardloopschoenen ziet, gaat ze er pontificaal bovenop zitten: ze wil mee – samen rennen, de wijde wereld in.

Yuki, die andere honden zo spannend vond, werd haar dikke vriendin. Witte labrador-in-herderverpakking, ons altijd blije ei die iedereen lief, leuk en aardig vindt. En achter je rug komt schuilen als de volle maan achter de wolken vandaan komt. Of terug gaat kletsen als je tegen haar praat.

De jongste bediende is Imme. De goochelaar die altijd probeert zoveel mogelijk stokken in zijn bek te nemen. Of kunstjes van de puppyles blijft herhalen. En die best had willen schapendrijven, maar al jong zijn knie vernielde.

De honden zijn, naast erfbewakers, voor ons vooral huisdier. Daarnaast helpen ze in de preventie van maaischade. Door de avonden voor het maaien met ze door de wei te wandelen, laten ze een alarmerend geurspoor achter, dat voor moederdieren reden is om hun reekalveren en konijnen-, hazen- of fazantenjongen naar een veiliger plek te brengen. Dat maait wel zo prettig de volgende dag.

Honden

Hij had er twee, zij drie, ga je samenwonen, dan zijn het er vijf, tot een opvanger niet meer vertrekt, en opeens heb je 6 honden… zo ging het.
Die roedel van toen is er allang niet meer, maar honden zijn er altijd gebleven.

Tweedehands, opvang, herplaatser, asiel, buitenland. Van stamboom tot vuilnisbak, reu of teef, oud en jong. Gezocht of op ons pad gekomen. Meestal met krasjes, soms een flinke deuk.

De belangrijkste voorwaarde om hier een thuis te vinden, is basaal respect: dat er geen mensen opgegeten worden, ruzies met roedelgenoten oplosbaar zijn en dat poezen, schapen en paarden niet als speelgoed gezien worden.

Simpele regels, voorspelbare patronen, hondentaal die begrepen wordt, een erf en wei om energie te laten spetteren, en roedelgenoten om niet alleen te zijn – voor de meeste honden blijkt dat genoeg.

Zo ook voor onze Brass, die letterlijk Spaans benauwd was voor àlles, en nauwelijks méér durfde dan in elkaar gekropen ’s nachts de keuken onderpoepen.

Maar soms, als hij in de omheinde wei was met de andere honden, dan zag je even de schaduw van de dartele jonge hond die hij had moeten zijn. En die hij ook langzaamaan werd – zelfs als 14-jarige gooit ie er af en toe nog een huppeltje uit.

Finn, een vrolijke Spaanse scharrelaar, werd zijn ‘mattie’. Samen slapen, samen rennen, samen snuffelen en ook: samen niet bang zijn. Gewoon “er zijn”, zonder eisen.

Als een ongeleid projectiel kwam FaeLynn vervolgens binnen stuiteren. Zoveel richtingloze energie in een onvolgroeid lijf. Ruimte, roedel en regels zijn de basis geweest waarop ze kon landen. Energiek blijft ze, maar nu ook baasgericht. En zodra ze hardloopschoenen ziet, gaat ze er pontificaal bovenop zitten: ze wil mee – samen rennen, de wijde wereld in.

Yuki, die andere honden zo spannend vond, werd haar dikke vriendin. Witte labrador-in-herderverpakking, ons altijd blije ei die iedereen lief, leuk en aardig vindt. En achter je rug komt schuilen als de volle maan achter de wolken vandaan komt. Of terug gaat kletsen als je tegen haar praat.

De jongste bediende is Imme. De goochelaar die altijd probeert zoveel mogelijk stokken in zijn bek te nemen. Of kunstjes van de puppyles blijft herhalen. En die best had willen schapendrijven, maar al jong zijn knie vernielde.

De honden zijn, naast erfbewakers, voor ons vooral huisdier. Daarnaast helpen ze in de preventie van maaischade. Door de avonden voor het maaien met ze door de wei te wandelen, laten ze een alarmerend geurspoor achter, dat voor moederdieren reden is om hun reekalveren en konijnen-, hazen- of fazantenjongen naar een veiliger plek te brengen. Dat maait wel zo prettig de volgende dag.

Poezen

10 jaar geleden kwamen ze aanwandelen vanuit het bos hierachter, op een bloedhete augustusdag. Iele, wormbuikige kittens van een week of 5 oud.
Hoeveel kans zouden ze hebben in de overvolle asiels….

Ze bleven.

Noes is geworden wat ze ook toen al was: zelfzeker, onafhankelijk, nooit lelijk doen maar o zo overtuigend in haar zwijgend gezag. Geen van de honden gaat aan haar voorbij als ze over het pad loopt – staart fier omhoog, de punt in een lichte knik. Ze is ‘one of the guys’ als er gewandeld wordt. En als je ‘zit’ zegt, gaan er 5 honden zitten. En een poes.

Nikki is meer van het gezellige zwabberbuiktype, die de zonnige tuintafel beschouwt als strandstoel en graag een voorspelbare wereld om zich heen heeft. Miauwen heeft ze jaren niet gekund, dat hebben we haar moeten voordoen. Dus echt heel slim is ze niet. Maar als ze naar binnen wil, staat ze languit op haar achterpoten in de vensterbank en tikt ze met haar voorpoot op het bovenste raampje – dat dan weer wel.

Met torenvalken, buizerds en uilen rond ons erf is gif geen oplossing tegen muizig ongedierte. Gelukkig nemen de gezusters hun taak als bedrijfspoes serieus: een boerenbedrijf, maar nauwelijks muizen. Wel talloze vogels.
Met een gevulde maag gaan ze ’s morgens naar buiten, en als je roept, zijn ze voor donker weer binnen. Op schoot. Ronkend. Als een echte huispoes.

Poezen

10 jaar geleden kwamen ze aanwandelen vanuit het bos hierachter, op een bloedhete augustusdag. Iele, wormbuikige kittens van een week of 5 oud.
Hoeveel kans zouden ze hebben in de overvolle asiels….

Ze bleven.

Noes is geworden wat ze ook toen al was: zelfzeker, onafhankelijk, nooit lelijk doen maar o zo overtuigend in haar zwijgend gezag. Geen van de honden gaat aan haar voorbij als ze over het pad loopt – staart fier omhoog, de punt in een lichte knik. Ze is ‘one of the guys’ als er gewandeld wordt. En als je ‘zit’ zegt, gaan er 5 honden zitten. En een poes.

Nikki is meer van het gezellige zwabberbuiktype, die de zonnige tuintafel beschouwt als strandstoel en graag een voorspelbare wereld om zich heen heeft. Miauwen heeft ze jaren niet gekund, dat hebben we haar moeten voordoen. Dus echt heel slim is ze niet. Maar als ze naar binnen wil, staat ze languit op haar achterpoten in de vensterbank en tikt ze met haar voorpoot op het bovenste raampje – dat dan weer wel.

Met torenvalken, buizerds en uilen rond ons erf is gif geen oplossing tegen muizig ongedierte. Gelukkig nemen de gezusters hun taak als bedrijfspoes serieus: een boerenbedrijf, maar nauwelijks muizen. Wel talloze vogels.
Met een gevulde maag gaan ze ’s morgens naar buiten, en als je roept, zijn ze voor donker weer binnen. Op schoot. Ronkend. Als een echte huispoes.